Je vraagt of je kind de tafel wil dekken, zoals het dat al jaren doet. Waar je vroeger een “oké” kreeg, volgt nu een diepe, diepe zucht en een fel: “Waarom moet ík dat altijd doen?” Diezelfde avond zit hetzelfde kind heerlijk tegen je aan genesteld op de bank, te vertellen over de dag. ‘Afzetten én nabijheid: prepubers zien er aan de buitenkant nog uit als kinderen, maar van binnen is er van alles in ontwikkeling.’ Grote woorden, grote gevoelens en dat in een (nog) klein lichaam. Wat gebeurt er precies in de prepuberteit met je kind? En hoe blijf jij als ouder in verbinding met hem of haar? Anouk is senior pedagogisch professional op een bso+ en vertelt het in dit artikel.
De prepuberteit start rond de leeftijd van 9 tot 12 jaar. Vaak bij meisjes iets eerder dan bij jongens. Je ziet nog niet altijd iets aan de buitenkant, maar van binnen is er volop ontwikkeling gaande.
Zo ontwikkelen in de hersenen het emotionele en het rationele deel zich verder bij prepubers. Het emotionele deel groeit sneller dan het rationele. Anouk: ‘Daardoor reageert je kind vaker vanuit gevoel. Een kleine gebeurtenis kan namelijk groot aanvoelen.’
Onder invloed van hormonen kun je ook stemmingswisselingen zien. ‘Je kind wordt zich meer bewust van zichzelf en van anderen. Het gaat vergelijken, nadenken over wie het is en waar het bij hoort. Dat kan ook erg onzeker maken.’
Het besef ontstaat dat volwassenen ook niet alles weten of kunnen oplossen. ‘Dat kan spanning geven, want waarom zou een kind iets van jou aannemen nu het doorheeft dat jij ook niet alwetend bent?’ Tegelijk groeit de behoefte aan zelfstandigheid. Je kind vormt een eigen mening, stelt vragen bij beslissingen en wil dingen zelf uitproberen. Vriendschappen worden hechter en de mening van leeftijdsgenoten is steeds belangrijker.
Je leest het, de prepuberteit is een flinke zoektocht. Én een belangrijke stap. Deze fase hoort namelijk bij het ontwikkelen van een eigen identiteit. Je kind maakt zich stap voor stap een beetje los van jou. Dat is gezond, maar… kan ook schuren. ‘Al deze veranderingen zorgen ervoor dat je kind zich het ene moment heel groot voelt en het andere moment klein. De behoefte aan nabijheid en aan ruimte wisselt soms per dag’, vertelt Anouk.
Wat vraagt dat van jou? Juist nu is een sterke band helpend. Blijf investeren, ook als je kind zich afzet. ‘Je kunt positief betrokken blijven. Samen lachen en echte interesse tonen maken een groot verschil.’ Probeer bijvoorbeeld eerst te luisteren voordat je je eigen mening geeft. Wanneer je kind zich gehoord voelt, ontstaat er ruimte voor een gesprek.
Is een gesprek voeren lastig? ‘Kijk dan eens of het helpt om samen een activiteit te doen. Dat praat soms makkelijker. Een autorit werkt ook voor veel mensen, dan kun je allebei voor je uit kijken tijdens het praten.’
Heeft je kind goede argumenten in een discussie? Geef dan waar mogelijk ruimte om het op zijn of haar manier te doen. Die ruimte heeft een prepuber nodig, zo kan hij of zij oefenen met verantwoordelijkheid. En fouten maken? Die horen daar ook bij. Daar leert je kind van.
‘Eigenlijk gaat het telkens weer om aandachtig kijken: wat heeft mijn kind nu nodig?’
Anouk, senior pedagogisch professional
Je helpt je kind ook door in de prepuberteit het zelfvertrouwen verder te versterken. ‘Benoem wat je ziet. Zeg bijvoorbeeld dat je merkt dat je kind goed nadenkt of dat je het waardeert dat het een eigen mening heeft. Daarmee help je je kind om positief naar zichzelf te kijken.’
Blijf ook woorden geven aan gevoelens. Als je kind zich terugtrekt of onzeker is, kun je dat benoemen zonder oordeel. Zo leert je kind zijn eigen gevoelens steeds beter begrijpen.
‘Daarnaast blijven duidelijke grenzen nodig. Grenzen geven veiligheid en houvast. Dat heeft een kind op elke leeftijd nodig, dus ook in de prepuberteit.’ Je kind mag boos of teleurgesteld zijn, maar het is niet helpend om met deuren te slaan of respectloos te spreken. Keur gedrag af wanneer dat nodig is, maar nooit je kind zelf. Blijf rustig en consequent, ook in discussies.
Een zoektocht is het zeker, die prepuberteit. ‘Schuw daarom ook niet om je kind uit te leggen wat (pre)puberteit is en met zich meebrengt.’ Weten dat veranderingen en grote gevoelens normaal zijn, kan je kind geruststellen. En jou hopelijk ook. Anouk: ‘Want ook voor ouders is deze fase soms (heel) intens. Dus praat er zelf ook over met anderen. Je kind leert iets nieuws, en jij ook.’